Vanthournout Hendrik & Moreels Valerie & Aäron & Emma

 

 

Startpagina 

Fotoalbums 

Hobby's

Wat is nieuw?

Favorieten

Gastenboek

Martin & Claus

Vanaf album 206 wordt de reeks gebracht door een nieuw team. Scenarist van dienst is de Nederlander Martin Lodewijk, ex-studio Vandersteen-medewerker Claus D. Scholz buigt zich over de tekeningen.

Claus D. Scholz
Claus D. Scholz werd geboren op 13 mei 1949. Hij begon zijn carrière in 1965 als etalagedecorateur in Wolfsburg te Duitsland, maar droomde er eigenlijk van striptekenaar te worden. Toen een Belgische vrouw hem in 1972 toevallig vertelde over het bestaan van Studio Vandersteen, aarzelde hij niet lang en pakte zijn koffers richting Antwerpen om er te leren striptekenen. Willy Vandersteen had op dat moment echter niemand nodig en verwees hem door naar Frank Sels. Die stond tot 1966 in voor de inkting van De Rode Ridder. Samen met Sels maakte Claus de succesvolle reeks Zilverpijl voor de Duitse markt. In zeven jaar tijd zagen 194 verhalen van elk 28 pagina’s het levenslicht. Claus zorgde voor de inkting en schreef zo’n vijftig scenario’s bijeen.

In 1979 mocht Claus een zestal korte verhalen voor het weekblad Kuifje tekenen, gevolgd door illustraties voor diverse reeksen als Vlammende Speer, Lasso en Chick Bill, telkens met het wilde Westen als thema.
Voor het Duitse Marvel Comics tekende hij in diezelfde periode meer dan 150 covers, en ook verschillende televisie- en filmsatires, toen een zeer populair genre. Midden jaren tachtig schetste en inktte Claus een dertigtal Bessy-verhalen en bewerkte hij een zevental verhalen voor de Karl May-reeks. Maar Claus maakte ook eigen stripverhalen. In 1983 verschenen vier kortverhalen van zijn stripfiguur James Leigh, getekend voor de Nederlandse uitgave van het striptijdschrift Robbedoes. Later, in 1989, verscheen een lang James Leigh-verhaal in het Suske en Wiske Familiestripboek.

Vanaf 1985 tot 1995 verzorgde Claus illustratiewerk voor de Zuid-Nederlandse Uitgeverij. Het ging voornamelijk om Disney-personages voor kleur-, plak- en knutselboeken. Sinds 1986 tot nu werkte Claus mee aan Bakelandt. De voorbije twee jaar schreef hij ook nog drie korte verhalen voor Tina, een Nederlands weekblad voor meisjes.

Martin Lodewijk
Martin Lodewijk werd op 30 april 1939 in Rotterdam geboren. Het tekenvirus deed hij op als kind, toen hij door ziekte vaak gedwongen was thuis te blijven. Reeds op achttienjarige leeftijd verkocht hij zijn eerste, zij het nooit gepubliceerde stripverhaal Lodewijk Pedaal, gevolgd door een tiental comics met ruimteverhalen. Nog voor zijn twintigste publiceerde hij de piratensaga Arent Brandt, waarvan de laatste twee delen verschenen onder de titel Captain Kidd. Het grote publiek leerde hem echter kennen in 1959 toen hij in opdracht van de Nederlandse krant Het Parool de strip Frank, de Vliegende Hollander tekende voor Scandinavië. Kort daarna koos Lodewijk voor een carrière in de reclamesector waardoor hij zijn tijd zes jaar lang louter besteedde aan reclameopdrachten.

In 1966 belandde hij via collega en vriend Jan Kruis bij het stripblad Pep, waar Lodewijk het tekenvirus weer te pakken kreeg. Voor Pep verzon hij Agent 327, een parodie op de wereldberoemde Agent 007 alias James Bond. Zijn figuurtje kreeg meteen succes en na een aantal kortere avonturen liet Lodewijk Agent 327 in 1967 zijn eerste lange vervolgavontuur beleven onder de naam Dossier Stemkwadrater, een persiflage op de Bondfilm You only live twice. Daarna volgden Dossier Leeuwenkuil en nog een tiental andere avonturen rond de eigenaardige agent. De strip was zeer populair door de vele dubbele bodems in het verhaal en de vele toespelingen op de actualiteit. Lodewijk wist steeds de juiste verhouding te vinden tussen humor en realisme en inspireerde daardoor heel wat andere striptekenaars.

Ondanks het succes van Agent 327, koos Lodewijk toch voor het reclamewerk, maar bleef in tussentijd wel actief als scenarist voor Johnny Goodbye van Dino Attanasio en Bernard Voorzichtig van Jippes. In 1975, wanneer de stripbladen Pep en Sjors samensmolten tot Eppo, werd Lodewijk co-redacteur van het blad naast Frits van der Heide. Lodewijk hield zich vooral bezig met het aantrekken en begeleiden van nieuwe producties voor Eppo. Daarnaast bleef hij verder tekenen aan Agent 327 en introduceerde zelfs een nieuwe vaste tegenspeelster, de gigantische Olga Lawina.

Maar Lodewijk beperkte zijn schrijftalent zeker niet tot Agent 327 alleen. Hij schreef onder andere ook scenario’s voor Storm van Don Lawrence, January Jones van Eric Heuvel en Edmund Bell van René Follet. Na lange tijd uitsluitend nog reclameopdrachten gedaan te hebben, verraste Lodewijk in 2000 de stripwereld met een nieuwe serie van Agent 327 als krantenstrip in het Algemeen Dagblad. Om het met de woorden van Martin Lodewijk zelf te zeggen: ‘Omdat ik niet dood wil gaan als een oude reclametekenaar. Ik wil eindigen als een ouwe striptekenaar.’


Bron: Standaard Uitgeverij - www.roderidder.be